Theekransje

Theekransje goes global: roadtrip style!

Ken je dat? Van die spontane ideeën die je soms in een vriendengroep hebt, waar iedereen heel enthousiast over is maar die nooit echt uitgevoerd worden? Soms omdat ze te onmogelijk zijn, soms omdat niemand er tijd in wil steken, en soms omdat het er gewoon niet van komt. In onze vriendengroep riep iemand een keer dat ze wel eens naar het kasteel Neuschwanstein in Duitsland zou willen. De rest was ook enthousiast. En dan? Meestal bloedt zo’n idee dood en blijft het bij een paar minuten enthousiasme voordat iedereen het weer vergeet. Wij besloten dit keer om in een opstandig ‘YOLO-moment’ gewoon te gaan. Dus hup, vier Theekransjes in de auto op weg naar Neuschwanstein. Omdat we toch in de buurt waren, besloten we gelijk Oostenrijk, Zwitserland en Liechtenstein ook even aan te doen. In één dag. Dit is wat we deden en beleefden.

Land nummer 1: Duitsland

Duitsland was de hoofdbestemming van deze trip. In Duitsland ligt het kasteel Neuschwanstein, wellicht bekend van de sprookjesachtige foto’s die je wel eens voorbij hebt zien komen. Wij wilden dit kasteel wel eens met eigen ogen aanschouwen, dus off we went. En holy, Neuschwanstein is mooi. Het kasteel is nooit afgebouwd, omdat de koning die het kasteel liet bouwen overleed voor het klaar was. Maar zelfs onaf is Neuschwanstein indrukwekkend, vooral als je van zwanen houdt. Serieus, deze dude had een lichtelijk ongezonde obsessie met zwanen. Ze zijn werkelijk o-ver-al. Deurknoppen, gordijn motieven, schilderijen, beelden… Overal, ik zeg het je.

Pro tip: als je dit kasteel wil bezoeken, bestel vooraf je kaartjes. Je kan tot 2 uur van tevoren annuleren, hoeft pas ter plekke te betalen en het scheelt je héél véél wachttijd in de rij. Mocht je je kaartje gescoord hebben, dan ben je er echter nog niet. Voordat je daadwerkelijk bij het kasteel aankomt moet je een berg op lopen. Je kán ook met de bus of de paardenkar, maar echte diehards lopen natuurlijk. Dit zou je volgens de website in vijftien minuten kunnen doen. Misschien als je een super getrainde bergbeklimmer bent, ja. Als je gewoon een onsportief sukkeltje op sneakers bent zoals wij, dan ben je echt wel langer onderweg. En je gaat KAPOT. Maar goed, het is het waard. Het kasteel is mooi en vooral het uitzicht vanaf het balkon aan de achterkant van het gebouw maakt alles helemaal goed.

Opvallend aan Duitsland: Er zijn veel wegwerkzaamheden, random wisselingen in snelheid op de snelweg, de stinkende mestvelden en mensen in de file willen niet meezingen met Drank en Drugs maar laten zich soms wel verleiden door Dewi’s gesokte voet uit het raam.

Land nummer 2: Oostenrijk

Omdat Neuschwanstein vlak bij de grens met Oostenrijk ligt, besloten wij te overnachten in dit land. Gewoon, omdat het kan. Oostenrijk is eigenlijk gewoon Duitsland. Of Duitsland is Oostenrijk. Hoe dan ook, echt veel verschil is er niet. Oostenrijkse mensen zijn aardig en behulpzaam. Tenminste, de mensen die wij ontmoet hebben wel. Misschien hadden wij gewoon geluk, of vonden ze ons heel leuk.

Opvallend aan Oostenrijk: Men zegt ‘ciao’ in plaats van ‘tschüss’, je moet een vignet op je auto plakken waar totaal niet naar gekeken wordt, je mag hier maar maximaal 110 op de snelweg en dat is een kutsnelheid, mensen schilderen vreemde portretten van Jezus, Maria en er zijn ook hier stinkende mestvelden.

Land nummer 3: Zwitserland

Eigenlijk zijn we stiekem helemaal niet echt in Zwitserland geweest. We zijn er doorheen gereden, maar niet gestopt. Hey, ik vind dat het gewoon telt. We hadden even niet helemaal door dat je alleen via Zwitserland naar Liechtenstein kan, en de verbazing was dan ook groot toen we ineens in Zwitserland reden. De tolweg tussen Oostenrijk en Zwitserland was verlaten, de tolpoortjes waren open en de tolhuisjes afgesloten. Zelfs daarvoor hebben we dus niet hoeven stoppen.

Opvallend aan Zwitserland: Jawel, ook hier zijn stinkende mestvelden! Daarnaast loopt de enige toegangsweg naar Liechtenstein blijkbaar door Zwitserland. Weten we dat ook weer.

Land nummer 4: Liechtenstein

Ons bezoekje aan Liechtenstein was typisch een gevalletje ‘nu we toch in de buurt zijn’. Want kom op, normaal gesproken zou je toch nooit naar Liechtenstein op vakantie gaan? Mocht je dit toch overwegen, neem dan je hele erfenis mee. Een simpele lunch kost hier al snel een klein fortuin. Dit wordt geïllustreerd door het feit dat het restaurantje waar wij aten dinerbonnen aanbiedt van 1000 euro. 1000 euro aan pizza, pasta en sandwiches. Ik vind het nogal wat. Over geld gesproken, de officiële munteenheid in Liechtenstein is de Zwitsere frank. Veel plekken nemen echter ook euro’s aan, dus check dit even voordat je het gehele bedrag van je spaarrekening pint in Zwitserse franken.

Wij bezochten het stadje Vaduz, eigenlijk om één reden: Prins Hans Adam II van Liechtenstein. Deze bro woont in een kasteel op een berg, zonder enige zichtbare beveiliging. Je kan in principe gewoon over het hekje stappen en gaan picknicken in zijn tuin. Of jodelen, als je daar zin in hebt. Wij hadden daar zin in.



Het kasteel van de prins kijkt uit over Vaduz, een stadje dat vrij nietszeggend is. Er zijn wat pleintjes, winkeltjes, restaurantjes en dat was het eigenlijk wel. In Vaduz is men dol op moderne kunst en fonteinen. Overal en nergens zijn random fonteintjes te vinden. Wel heel erg fijn: Vaduz heeft wifi! Gratis! In de hele stad! Voor een JAAR! Je krijgt een code en die is gewoon een jaar geldig, bam! Wat een uitvinding.

Opvallend aan Liechtenstein: De prins woont in een kasteel op een berg zonder beveiliging, alles is duur, mensen spreken over het algemeen vrij goed Engels en ook híér zijn stinkende mestvelden! Hoppa!

Al met al hebben we een super gezellige roadtrip gehad. Toegegeven, het is wat ver rijden voor een weekendje, maar soms moet je gewoon schijt hebben. Over schijt gesproken, ook in Nederland stonk het naar mest hoor! Oost west, eigen mestvelden best.

Author image
Britt – 26 jaar – Ik word blij van thee, muziek, Netlfix, reizen, slapen en sarcasme. Maar vooral van thee. Thee is belangrijk. Ik heb meningen over dingen.