Theekransje

Spreekwoorden: het stomste stukje taal

Als er één onderdeel is van taal dat ik nooit heb begrepen, is het wel spreekwoorden. Ik blijf me verbazen over deze uitspraken: voor mij is een spreekwoord eigenlijk een onwijs omslachtige en verwarrende manier om iets moeilijker te zeggen dan zou moeten. Iedere taal heeft spreekwoorden, neem bijvoorbeeld uit het Engels: ‘It’s raining cats and dogs’, wat betekent dat het heel hard regent. Dit is toch veel verwarrender dan gewoon zeggen dat het heel hard regent, of ligt dit aan mij?

Ik ben daarnaast ook nog eens het type dat spreekwoorden door elkaar haalt of aanvult met een verkeerd woord, wat het er allemaal niet overzichtelijker op maakt. Gewapend met mijn irritatie en een super betrouwbare bron (Wikipedia), ging ik voor dit stukje op zoek naar stomme spreekwoorden in de Nederlandse taal.

Laten we beginnen met een spreekwoord dat mij irriteert om zijn achterhaaldheid en stereotypering: De liefde van de man gaat door de maag. Ik heb problemen met dit spreekwoord om meerdere redenen. Ten eerste: waarom alleen van de man? Vrouwen houden ook van eten hoor! Ten tweede impliceert dit natuurlijk dat een vrouw haar man hoort te pleasen en dit moet doen door goed voor hem te koken. Iedereen die mij ook maar een beetje kent verwacht waarschijnlijk al dat hierbij mijn feminisme-radar af gaat. Mannen kunnen ook best zelf koken, of voor hun vrouw koken, of gewoon lekker naar de afhaal pizzeria gaan! Down with the patriarchy!

Tijdens mijn zoektocht naar spreekwoorden kwam ik er één tegen die ik zelf nog niet kende, maar die gelijk zorgde voor een heftige beeldvorming: Dat klopt als een zwerende vinger. Gad-ver-damme. Ik zag gelijk een vinger met een wond voor me, de details zal ik je besparen. Verwant aan dit spreekwoord: Dat klopt als een bus. Maar hoe klopt een bus dan? En waarom? Ik vind het allemaal maar verwarrend.

Wat mij irriteert aan een groot aantal spreekwoorden is het ‘duh’-gehalte ervan. Veel spreekwoorden zorgen er voor dat ik met m’n ogen wil rollen, omdat het een statement is over iets dat zó logisch lijkt. Een goed begin is het halve werk, bijvoorbeeld. Nu hangt dit natuurlijk van je klus af en van je eigen definitie van begin. Maar zoals groot Neerlandisch poëten ‘De Jeugd van Tegenwoordig’ heel scherp opmerkten: een goed begin is het halve werk, maar een goed begin is maar de helft. #diep.

Een beter voorbeeld van een nogal voor zichzelf sprekend spreekwoord, is: wie wat bewaart, die heeft wat. No shit, Sherlock. Als je dingen bewaart heb je inderdaad dingen. Je loopt wel het risico om zo’n type mens te worden dat altijd alles bewaart waardoor je huis helemaal uitpuilt van de troep, máár je hebt wel wat. Een iets minder materialistisch spreekwoord wat ook een beetje overbodig voelt, is: waar de boom gevallen is, blijft hij liggen. Helaas bestaan magisch lopende bomen zoals in Lord of the Rings niet, dus voorlopig moeten we het inderdaad doen met bomen die omvallen en dan niet meer uit zichzelf bewegen. Best saai, eigenlijk. Tot slot een mooie dooddoener in dit lijstje met dooddoeners: waar rook is, is vuur. Aangezien rook een bijproduct is van vuur lijkt deze me behoorlijk duidelijk.

Natuurlijk snap ik dat deze uitspraken niet letterlijk opgevat moeten worden. Ik snap het doel van spreekwoorden ook wel. Ik vind ze alleen zo omslachtig. Als je gewoon zegt wat je wil zeggen is dat niet alleen korter, maar geeft dit ook minder ruimte voor verwarring. Om dit stukje op een toepasselijke wijze af te sluiten kan ik heel kort mijn mening over spreekwoorden samenvatten: Het zou me een worst wezen.

Author image
Britt – 26 jaar – Ik word blij van thee, muziek, Netlfix, reizen, slapen en sarcasme. Maar vooral van thee. Thee is belangrijk. Ik heb meningen over dingen.