Theekransje

Seksualiteit: What the fuck?

Een tijdje terug schreef ik een stukje over gender, en hoewel seksualiteit als concept uiteraard een stuk bekender is bij de gemiddelde Nederlander, wilde ik toch een soortgelijke post over seksualiteit maken. Iedereen is natuurlijk wel bekend met hetero- en homoseksualiteit. Ook al is het niet al te best gesteld met de homo-acceptatie in Nederland, wil ik het in deze blogpost toch vooral over andere, onderbelichte seksualiteiten hebben.

Gender en seksualiteit
Eerst maar even een open deur intrappen: je gender is niet bepalend voor je seksualiteit. Hoewel dit logisch lijkt, is dit niet in alle situaties en overal ter wereld even vanzelfsprekend. In Iran bijvoorbeeld is homoseksualiteit strafbaar met de dood, maar een geslachtsverandering ondergaan niet. Als gevolg worden homo’s in Iran effectief gedwongen om ofwel de doodstraf te riskeren ofwel een geslachtsverandering te ondergaan zodat ze, voor de buitenwereld in ieder geval, voorkomen als hetero. Maar ook het westen maakt zich schuldig aan dit soort praktijken. Voor intersekse mensen wiens geslacht bij de geboorte niet duidelijk is, wordt vlak na de geboorte de keuze gemaakt of het kind als jongen of als meisje opgevoed gaat worden. Als het kind dan later hetero blijkt te zijn, wordt er vanuit gegaan dat de juiste keuze is gemaakt door de ouders en/of de arts. Hoewel er steeds meer artsen zijn die inzien dat dit geen goede graadmeter is, komt deze gedachtegang nog steeds regelmatig voor. Uit deze voorbeelden blijkt dat er stiekem toch vanuit gegaan wordt dat heterosekualiteit de natuurlijke staat van de mens is en elke andere seksualiteit een soort afwijking is.

Bi en pan
Ook opvallend is dat dit soort ideeën eigenlijk alleen werken als je denkt dat seksualiteit uit twee uitersten bestaat, namelijk hetero- en homoseksualiteit. Maar, net als gender, bestaat seksualiteit op een spectrum. Voor velen zal dit bekend zijn, maar hoewel we met z’n allen best weten dat er mensen rondlopen die zichzelf biseksueel noemen, er nog steeds behoorlijk wat misverstanden bestaan over hoe zoiets dan werkt. Eerst maar even wat definities. Biseksualiteit wordt meestal gedefinieerd als het ervaren van seksuele en/of romantische aantrekking tot meer dan één gender. Dat kunnen dus mannen en vrouwen zijn, of alle genders, of vrouwen en non-binary mensen, of een andere combinatie van genders, zolang het maar meer dan één is. De definitie van panseksualiteit is de seksuele en/of romantische aantrekking tot alle genders. Dus wat is nou precies het verschil tussen de twee? Eigenlijk is er heel veel overlap tussen deze twee termen. Het enige echte verschil is dat pan meteen aangeeft dat die persoon zich aangetrokken voelt tot alle genders en bij bi zijn er meerdere combinaties mogelijk. Sommige mensen die zich aangetrokken voelen tot alle genders kiezen ervoor om zich als bi te identificeren, bijvoorbeeld omdat er een langere geschiedenis aan dat woord zit of omdat het bekender is bij de meeste mensen. Anderen kiezen er weer voor om zich als pan te identificeren, misschien omdat dat preciezer is of juist omdat het een relatief nieuwe term is waar nog niet zoveel vooroordelen of misvattingen aan hangen.

Maar waar zit dan het probleem? Elke bi/panseksueel zal regelmatig gevraagd worden of ze zich nou meer tot mannen of tot vrouwen aangetrokken voelen. Dit geeft aan dat er nog steeds in hetero/homo gedacht wordt en dat er helemaal niet aan mensen die man noch vrouw, oftewel non-binary mensen, gedacht wordt. En wat als het antwoord niet 50/50 is? Betekent dit dan dat die persoon niet écht bi of pan is? Of wat als iemand zegt bi of pan te zijn, maar alleen maar relaties heeft gehad met mensen van één gender? Het antwoord op al die vragen is heel simpel: als iemand zegt bi/pan te zijn, dan is dat zo. Het maakt niet uit of ze alleen ervaring hebben met één gender of dat ze zich misschien meer tot een bepaald gender aangetrokken voelen. Wat we ons moeten afvragen is waarom zulke vragen überhaupt gesteld worden. Waarom is het zo belangrijk om erachter te komen of iemand meer op een bepaald gender valt? En waarom wordt er gedacht dat dit vaststaat? Als een bi/pan persoon zich vandaag meer aangetrokken voelt tot mannen, wil dat niet zeggen dat dat over een paar maanden of een jaar nog steeds zo is.

En dat brengt ons bij het volgende punt: bi/pan mensen zijn wispelturig, ze weten niet wat ze willen en ze zullen zich nooit kunnen binden aan één persoon. Dit zijn helaas veelgehoorde vooroordelen van zowel hetero’s als homo’s. Wat belangrijk is om te onthouden is dat als je een relatie hebt met een bi/pan persoon, zij zich aangetrokken voelen tot jou. Het maakt dan niet uit of ze over het algemeen meer aangetrokken zijn tot mensen van een ander gender dan het jouwe, want ze hebben ervoor gekozen om een relatie aan te gaan met jou en niet met iemand anders. Als een man meestal blondines date, maar nu een relatie heeft met een brunette zou je toch ook niet denken dat hij vreemd zal gaan met een blondine? Uiteindelijk komt het erop neer dat bi/pan mensen vaak (onbewust) als leugenaars worden gezien omdat ze hun “ware” aard als hetero/homo verbergen, waardoor ze niet te vertrouwen zijn. Dit soort vooroordelen vallen onder de noemer bifobie, aangezien het specifiek gericht wordt op bi/pan mensen en niet alleen van hetero’s, maar ook van homo’s kan komen. Gelukkig is het leven als bi/pan niet alleen maar vechten tegen vooroordelen, er gaat namelijk ook een hele wereld van slechte woordgrappen voor je open. Mijn persoonlijke favoriet: “A motorcycle gang made up of ancient bisexual Norse monarchs: the bikings.”

Aseksualiteit en aromanticisme
Er zijn ook mensen die zich helemaal niet seksueel aangetrokken voelen tot anderen. Dit zijn aseksuelen. Ook hier bestaan heel wat misvattingen over, vooral omdat het een vrij onbekende term is. Laten we vooropstellen dat aseksuelen niet een achterstand in ontwikkeling hebben, niet “stuk” zijn of op een andere manier iets missen. Het moet ook niet verward worden met het celibaat, aangezien het celibaat om seksuele activiteit gaat, terwijl aseksualiteit om aantrekking gaat. Als seksualiteit op een spectrum bestaat, is dit gewoon onderdeel van dat spectrum. Dit betekent ook dat er variatie binnen aseksualiteit zelf bestaat. Sommigen hebben een afkeer voor seks terwijl anderen er vrij neutraal tegenover staan. Aseksualiteit beschrijft dan ook niet het seksleven van een persoon, maar alleen het feit dat aseksuelen geen seksuele aantrekking tot anderen ervaren. Dit betekent dus over het algemeen dat een aseksueel prima door het leven kan gaan zonder ooit seks te hebben en zonder iets te missen. Dit wil overigens niet zeggen dat het oké is om een aseksueel naar hun seksleven te vragen om te zien hoe aseksueel die persoon nou werkelijk is. Net zoals bij bi/pan mensen gaat het erom wat die persoon zegt, niet om wat ze wel of niet gedaan hebben. Ook is het een misvatting om te denken dat omdat een aseksueel geen seks heeft gehad, ze simpelweg niet weten wat ze missen. Daarmee wordt eigenlijk gezegd dat een vreemde je beter denkt te kennen dan jijzelf en word je als kind behandeld.

Binnen het spectrum van aseksualiteit bestaan ook demiseksuelen en gray-aseksueel. Demiseksuelen ervaren alleen seksuele aantrekking als er van tevoren een emotionele band met die persoon is gevormd. Dit is niet hetzelfde als wachten met seks totdat je zeker weet dat het een serieuze relatie is, aangezien in zo’n geval de aantrekking er wel al is, maar er een keuze wordt gemaakt om er niks mee te doen. Bij demiseksuelen is die keuze er niet: de aantrekking ontstaat pas als er een emotionele band is. Gray-aseksuelen zitten in het grijze gebied tussen aseksualiteit en seksualiteit, wat betekent dat deze mensen bijvoorbeeld maar heel zelden seksuele aantrekking voelen of alleen in specifieke situaties, zoals bij demiseksualiteit. Gray-aseksualiteit is dus eigenlijk een soort verzamelterm op zich.

Als je aseksueel bent, wil dat niet zeggen dat je geen relaties kan hebben. Het geeft alleen aan dat seks geen onderdeel uit hoeft te maken van die relatie. Maar er zijn ook aromantische mensen, die geen romantische aantrekking voelen tot anderen. Simpel gezegd: ze hebben geen behoefte om een romantische relatie aan te gaan met wie dan ook. Voor deze mensen geldt hetzelfde als voor aseksuelen: er is niks mis met ze en ook aromanticisme komt voor op een spectrum, waaronder demiromantisch en gray-aromantisch vallen. Er wordt bij aseksualiteit en aromanticisme dus een onderscheid gemaakt tussen seksuele en romantische aantrekking, waardoor een combinatie van de twee kan ontstaan. Zo zijn er bijvoorbeeld aromantische-aseksuelen, biromantische-aseksuelen of aromantische-heteroseksuelen.

Net zoals voor veel woorden die betrekking hebben op gender, zijn er (nog) geen ingeburgerde Nederlandse termen. Deze woorden zijn dus bijna allemaal afgeleid uit het Engels. Hoewel het misschien heel moeilijk klinkt als iemand zichzelf definieert als een panromantische-demiseksueel, is het, net als bij gender, belangrijk om te onthouden dat zulke labels in eerste instantie bestaan voor de mensen die ze gebruiken en niet voor de buitenwereld. Het begrijpen van je eigen identiteit en zien dat er al een gemeenschap bestaat rondom relatief onbekende of onbegrepen oriëntaties kan een enorme opluchting en steun zijn. En als je dan eenmaal al deze nieuwe termen geleerd hebt, kan je ook gaan genieten van nog meer slechte woordgrappen. Veel plezier!

Photo credit: See-ming Lee 李思明 SML via Visualhunt.com / CC BY-SA

Author image
Student Gender Studies. Hashtag-misbruiker. Ik heb een zwak voor genetisch gemanipuleerde supersoldaten of anderszins onbereikbare figuren. Expert in Chris Evans' baard, social justice, en Sharknado.